De buizerd

De buizerd

https://nl.wikipedia.org/wiki/Buizerd

Engelse naam:                               Common buzzard

 

Latijnse naam:                               Buteo buteo

 

Lengte:                                            46 – 58 cm, staart 20 – 26 cm

 

Spanwijdte:                                    110 – 138 cm

 

Gewicht:                                          mannetje: 790 gr (620 – 1180) vrouwtje: 990 gr (780 – 1360)

 

Max. Leeftijd:                                  18 jaar in Nederland in het wild.           Gemiddelde levensverwachting: 4,1 jaar.

 

Aantal paren:                                  26 – 46 in Hoeksche Waard Oost 10.000 paar in Nederland

 

Aantal eieren:                                 1 – 5, gemiddeld 2,7

 

Eileg:                                                eind maart – eind april

 

Leginterval:                                    2 – 3 dagen

 

Broed vanaf:                                  afhankelijk van legselgrootte

 

Broedduur:                                     36 – 38 dagen

 

Nestjongduur:                               42 – 49 dagen

 

Takkeling stadium:                       6 weken

 

Geslachtsrijp na:                           2 – 3 jaar

buizerd-

 

Kenmerken

Het verenkleed van de buizerd is zeer variabel: sommige zijn bijna geheel donkerbruin maar er zijn ook hele lichte buizerds met een vrijwel witte onderzijde en veel wit aan de bovenzijde. Alle varianten hebben een donkere vlek aan de onderzijde van de vleugel bij hun pols, alhoewel het bij hele lichte buizerds nog maar een smalle donkere streep is. In het algemeen is een buizerd een donkerbruine vogel met een donkerbruine borst en een lichte, v-vormige, band over de borst en een relatief korte, fijn gebandeerde staart. Er is geen verschil tussen het verenkleed van mannetjes en vrouwtjes. Vrouwtjes zijn over het algemeen wel iets groter maar dit is alleen maar goed te zien als de vogels tegenlijk bij elkaar zijn te zien. Bovendien is er een overlap, d.w.z. dat een klein uitgevallen vrouwtje kleiner is dan een groot mannetje.

Jonge buizerds hebben een lichte iris, lengte strepen over hun borst en geen brede eindband aan hun staart, alle donkere bandjes over de staart zijn ongeveer even breed. Volwassen beesten daarentegen hebben een duidelijk bredere eindband op de staart en donkere ogen.

Gelijkende soorten

In de zomer kan de buizerd worden verward met de wespendief maar deze heeft een langere staart met niet alleen een brede eindband maar ook nog één of twee bredere banden bij de staartbasis. Wespendieven trekken in de winter weg uit ons land. Bovendien broedt de wespendief niet in de omgeving van de Hoeksche Waard. Daarom zult u de wespendief hier hooguit als doortrekkende vogel tegenkomen. In de winter kan de buizerd worden verward met de ruigpootbuizerd maar deze heeft een witte staart met een brede eindband en nog één of twee smalle bandjes naast de eindband. Ruigpootbuizerds worden slechts hoogst zelden gezien in de Hoeksche Waard en gaan zomers weer terug naar hun noordelijker gelegen broedplaatsen (Scandinavië etc). Veren De veren op de foto zijn van boven naar beneden: Handpen van de rechtervleugel Armpen van de rechtervleugel Staartveer, donkere buizerd Staartveer, lichtere buizerd De twee afgebeelde staartveren zijn van jonge vogels gezien het ontbreken van de breede eindband. Het zijn beide de buitenste staartpen van de linkerzijde. Het rode balkje rechtsboven op de foto is 10 cm lang.

Verspreiding

De buizerd komt voor in vrijwel geheel
Europa en delen van Afrika en Azië.

Habitat en leefwijze

Buizerds jagen voornamelijk in het open land maar broeden in boomnesten en leven dus aan bosranden of in open gebieden met boomgroepen. In de Hoeksche waard komen dat soort nestplaatsen niet zo heel veel voor en broedden de buizerds soms ook in solitaire bomen of in rijen bomen langs de wegen of dijken. Ze jagen meestal door vanaf een verhoogde uitkijkpost om de omgeving in de gaten te houden. Bij het zien van een prooi wordt er met een glij/duikvlucht geprobeerd om de prooi te pakken. Buizerds jagen ook te voet, bijvoorbeeld op wormen. Heel soms jagen buizerds ook door te bidden, dit op één plek blijven zweven gebeurt meestal in een opwaartse luchtstroom, bijvoorbeeld langs een dijk o.i.d. De Nederlandse buizerds zijn standvogels, d.w.z. dat ze het gehele jaar hun territorium bezet houden. De grootte van het gebied dat tegen soortgenoten wordt verdedigd is één tot meerdere vierkante kilometers maar dit is sterk afhankelijk van de lokale voedsel situatie. De gebieden waarin de buizerds jagen zijn groter maar kunnen elkaar overlappen. De beste tijd om buizerds te zien is in de winter wanneer er extra veel buizerds zijn omdat er buizerds uit het noorden (Scandinavië etc) hierheen komen om te overwinteren. Bovendien zijn ze extra goed zijn te zien omdat er geen bladeren aan de bomen zitten. Een andere geschikt moment zijn zonnige dagen in het voorjaar, met name na een periode van slecht weer; de buizerds cirkelen dan (roepend) boven hun territorium.

Voedsel

Buizerds zijn echt opportunisten en eten dan ook een heel keur aan verschillende prooien: zoogdieren (veldmuizen, mollen, jonge hazen/konijnen), wormen, insecten, padden, kikkers en af en toe een vis. Ook aas wordt niet geschuwd, met name in magere tijden. Buizerds kunnen prooien tot 500gr vangen, alles wat zwaarder is, is waarschijnlijk dood of sterk verzwakt aangetroffen.

Broedgedrag

Buizerds nestelen in bomen op 4 – 25 mtr hoogte, in de Hoeksche Waard gaat het dan vaak om wilg, populier of els. Buizerds bouwen zelf een nieuw nest, herbruiken hun nest van vorig jaar of gebruiken een oud nest van een andere soort, meestal kraai. Soms wordt gebroed in een elzenhaag van een boomgaard of in een hoogspanningsmast, maar dit is in de Hoeksche Waard (voor zover bekend) nog nooit goed afgelopen. Buizerds houden hun territorium tijdens de winter bezet. Op mooie dagen in februari en maart cirkelen de vogels boven hun territorium en voeren dan regelmatig spectaculaire baltsvluchten uit. In deze periode worden ook één of meer nest(en) gebouwd of opgeknapt. Buizerds paren veelvuldig, soms wel 500 maal in één seizoen. De meerderheid van de Hoeksche Waards buizerds legt zijn eieren gemiddeld in de eerste twee weken van april, landelijk gebeurt het van half maart tot half mei. Er worden 1 – 5 eieren gelegd (gemiddeld 2,7) met tussenruimte van 1 á 2 dagen. Het broeden begint niet direct na het leggen van het eerste ei. Het vrouwtje neemt het grootste deel van het broeden voor haar rekening waarbij ze soms kort wordt afgelost door het mannetje. Gedurende de broedtijd zorgt het mannetje voor het voedsel. Tegen de tijd dat de eieren bijna uitkomen (na 36-38 dagen broeden) worden er extra veel prooien gebracht. Als de jongen pas zijn uitgekomen is het vrouwtje vrijwel continue op het nest om de jongen te beschermen. Wanneer de jongen zo’n 2 weken oud zijn hebben ze dikker dons en gaat het vrouwtje ook jagen om aan de steeds groter wordende vraag naar voedsel te kunnen voldoen. Als de voedsel situatie slecht is pikt het oudste jong zijn kleinere broertje of zusje dood (Kaïnisme). Dit dode jong wordt dan later meestal door de oudervogel opgevoerd. Na zes weken zijn de jongen in het zogenaamde takkelingen stadium; ze beginnen de omgeving van het nest te verkennen, springen naar zijtakken en naastgelegen bomen. Ze blijven nog wel in de buurt van het nest en worden door de ouders gevoerd. De juveniele buizerds verspreiden zich aan het eind van het seizoen in alle richtingen met een kleine voorkeur voor zuid en zuid-west. Voor de Nederlandse buizerd gaat het dan zelden om meer dan 50 Km. De meeste buizerds vestigen zich zelfs op minder dan 20-30 Km van hun geboorteplaats. In 2002 vond de Dierenambulance Hoeksche Waard een buizerd die in 2005 als nestvogel was geringd 5,2 Km verderop. Deze vogel was dus geboren in de Hoeksche Waard en had daar ook zijn eigen territorium gevestigd. Paren bestaande uit twee volwassen vogels beginnen gemiddeld vroeger, hebben grotere legsels en meer nestsucces dan paren waarbij één van de twee een jonge vogel is. Paren waarbij allebei de vogels jonge beesten zijn hebben sowieso maar een nestsucces van minder dan 10%. Bigamie is uiterst zeldzaam, maar soms komt het voor dat één mannetje 2 vrouwtjes heeft.

Trek

Zoals al gezegd zijn Nederlandse vogels standvogels: ze verblijven het gehele jaar in hun territorium. Het grootste deel van de Scandinavische buizerds trekt oostelijk langs Nederland. De grootste bekende afstand die ooit is gevlogen door een buizerd is 6335Km ! Een vogel uit Noord-Zweden werd teruggemeld in het West-Afrikaanse Togo (tussen Nigeria en Ghana).

De buizerd is één van de meest voorkomende roofvogels in ons land.   Ze hebben het hier goed naar hun zin.  Er zijn er dan ook heel veel in ons land.  De roep van de buizerd klinkt als het gemiauw van een poes.  Als je te dicht bij een nest komt, beginnen de buizerds opgewonden en miauwend boven de kruinen te vliegen.  Ze waarschuwen de andere buizerds dat er gevaar is.  Als hij zijn vleugels opendoet heb je al gauw één meter.

Ook in de vlucht zijn ze gemakkelijk te herkennen.  Enkele vleugelslagen, kort zweven en dan weer een paar slagen.  De buizerd is een trage vlieger met zijn brede vleugels en de korte, brede staart.

Hij kan ook bidden.  Dat wil zeggen dat hij gemakkelijk boven in de lucht stil kan rond zweven.  Meestal is hij op de grond op zoek naar een prooi.  Door zijn vele veren kan hij heel knap vliegen.  Ook zijn staart is hier belangrijk. Vrouwtjes zijn iets groter dan de mannetjes.

Hij eet alles wat op zijn weg komt.  Hij is niet echt kieskeurig.  Vooral konijnen, muizen, eekhoorns, hazelwormen, waterhoenders.   Deze vangen ze door er achterna te vliegen en daarna met hun klauwen het dier te doden.  Ook eet hij wel, meestal dieren die onder een auto zijn terecht gekomen.  Als hij een prooi ziet, duikt de buizerd als een baksteen er op af.  Mensen worden nooit door buizerds aangevallen.

Buizerds bouwen hoog in de bomen een nest van dode takken.  Een nest van een roofvogel noemt men een horst.  Een buizerd zal ook gemakkelijk een nest uit vorige jaren schoonmaken, maar als het te vuil is, maakt hij gewoon een nieuw.   Ze hebben de gewoonte hun nest heel schoon te houden.  Ook de kuikens doen hier aan mee.  Uitwerpselen verdwijnen met kracht over de rand.

Meestal vind je ze in de bossen of aan de rand van een wei of een open veld. Rijdend door het land kun je ze regelmatig zien zitten.  In de winter zien we er veel meer dan in de zomer.  Ze kunnen wel 30 jaar worden.