Konijnen

Een konijn

Latijnse benaming Oryctolagus cuniculus
Vrouwtje voedster
Mannetje ram/rammelaar
Jong lamprei
Levensverwachtign 5-12 jaar
Draagtijd 30-33 dagen/1maand
Nestgrootte 4-12 jongen
Geslachtsrijp 16-24 weken

Een konijn is een zoogdier.  Het heeft een zachte vacht en lange oren.  Het is een soort knaagdier.  Het leeft enkel van planten.  Ook eet het konijn zijn eigen keutels op.  Een vrouwtjeskonijn noemen we een voedster of een moer.  Het mannetjeskonijn noemen we een rammelaar.  De rammelaar is meestal dikker en zwaarder en heeft een bredere kop.

DSCN2436

Het konijn is in vele landen heel tam gemaakt en kan dus gemakkelijk thuis worden gehouden.  Maar er bestaan ook wilde konijnen die je zo maar in de vrije natuur vindt.  Tamme dieren kunnen allerlei kleuren hebben: wit, bruin, roestbruin, zwart, grijs, blauw, …  Zij hebben meestal korte haren, maar er bestaan er ook met langere haren.

Voordat je een konijn koopt, heb je eerst een aantal spulletjes nodig : een hok, voer, een buitenhok of ren.  Ook heeft een konijn een omgeving nodig waar die kan rennen.

Konijn

Een konijn (Oryctolagus cuniculus) is een erg geliefd en erg bekend huisdier. Het is geen knaagdier, maar een haasachtige die geen nauwverwante soortgenoten heeft. Een mannetjes konijn heeft een ram of rammelaar en een vrouwtje heet een vroedster. Hier kan je alles lezen over de verzorging van een konijn en de verschillende rassen.

Uiterlijk

Omdat konijnen al zo lang gedomesticeerd zijn door mensen, is er tijd geweest om veel verschillende rassen te ontwikkelen. Deze rassen zijn ontstaan door selectief te fokken op bepaalde kenmerken en de ontwikkelende rassen niet meer te kruisen met andere rassen. De ontwikkeling van nieuwe rassen gaat nog steeds door. Er ontstaan ook nieuwe rassen door twee bestaande rassen te kruisen en de nakomelingen daarna te selecteren op een nieuwe combinatie van eigenschappen. Konijnen worden gefokt met een bepaald nut; als huisdier, als showdier of als nutdier (vlees). Konijnen zijn er dan ook in vele kleuren, vachtstructuren, lichaamsvormen, oor-types en lichaamsgroottes. Dwergkonijnen zijn konijnen die ongeveer 1 kg wegen, kleine konijnenrassen wegen tussen de 1 en 2,5 kg, middelgrote konijnenrassen zijn ongeveer 2,5 tot 5 kg en grote konijnenrassen zijn ongeveer tussen de 5 en 10 kg.

In het wild

Van nature komen konijnen voor in Europa, Rusland en het noorden van Afrika. Door kolonisten zijn konijnen ook in Australie terechtgekomen, waar zij nu in grote aantallen voorkomen.

Gedrag

Het gedrag van konijnen is voor een groot deel beinvloed door selectiegericht fokken van konijnen als huisdier of nutdier, maar hun natuurlijke gedrag is de basis voor hun doen en laten. Konijnen zijn van nature vluchtdieren en erg sociaal, zij leven in groepen. Ook houden zij van graven en knagen. Deze voorkeuren zitten nog in alle tamme konijnenrassen. In gevangenschap zijn konijnen gefokt om tam en vriendelijk te zijn naar mensen toe, maar niet elk ras is hier even ver op geselecteerd waardoor de rassen erg kunnen verschillen in de neiging tot tam worden. Alle konijnen stellen contact met soortgenoten op prijs. Konijnen zijn in de natuur voornamelijk in de schemering actief, maar in gevangenschap kan je zowel overdag en ‘s nachts actief zien zijn.

Sociaal leven

Zoals hierboven al gezegd zijn konijnen groepsdieren die graag soortgenoten om zich heen hebben en samen dingen ondernemen. Het probleem met tamme konijnen is echter dat zij in hun kooi doorgaans geen ander konijn van hetzelfde geslacht accepteren. Vaak zullen zij gaan vechten met het andere konijn, zelfs als het familie is. Alleen in grote rennen of buitenverblijven gaat het vaak wel goed om meerdere konijnen van hetzelfde geslacht samen te zetten. Als huisdier konijn is het beste voor het baasje en het konijn als een vrouwtje samen wordt gezet met een gecastreerd mannetje. Zo hebben zij leuk contact, en heb jij geen gevechten en geen baby konijntjes.

Voortplanting

De voortplanting van een konijn gaat heel snel. Een vrouwtjeskonijn is slechts 3 dagen per maand niet vruchtbaar; als zij gedekt wordt op een van de andere dagen in de maand is zij  bijna gegarandeerd drachtig. Zij heeft een draagtijd van 28 tot 33 dagen en krijgt tussen de 3 en 12 jonkies (gemiddeld ongeveer 5, maar het ligt o.a. aan het ras hoeveel het er zijn). De jonkies worden ongeveer een maand gezoogt. Hierna mogen ze hun moeder verlaten. Een vroedster kan voor het eerst drachtig worden als ze ongeveer 4 maanden oud is (hoewel dit jong is om haar opzettelijk in te zetten voor de fok). Een mannetje is na ongeveer 3 maanden vruchtbaar.

Levensduur

Een konijn wordt meestal tussen de 5 en 12 jaar oud. Meestal worden ze ongeveer 8 jaar oud.

Huisvesting

Konijnen kunnen binnen of buiten gehouden worden. Eerst leg ik uit wat de minimale eisen aan een kooi zijn, vervolgens behandel ik specifiek het binnen en het buiten houden van konijnen.

Grootte van het verblijf

Een kooi van een konijn moet voldoende groot zijn. Hoe groot dit is, hangt af van de lichaamsgrootte van het konijn. Een te groot hok bestaat niet. De minimale grootte van een kooi voor een dwergkonijntje is ongeveer 1 meter bij 50 cm. Zo een kooi betekend wel dat het konijntje zijn pootjes dagelijks mag strekken in de kamer of tuin.

Bodembedekking en schoonmaken

Een konijn is een heel schoon dier die uit zichzelf in slechts een of twee specifieke plekken zal plassen. Ook de keutels legt hij vaak op een vaste plek, zodat de rest van het hok schoon blijft. Het is aan te raden de plashoek om de dag helemaal schoon te maken en de keutels te verwijderen. Het hele hok schoonmaken kan eens in de week of soms zelfs minder vaak als het konijn echt alle plas en keutels in een hoek doet. Je kan speciale konijnentoiletten kopen van plastic die je om de dag kan leeg halen en afwassen. Het hok blijft dan heel fris. Op de bodem van het hok van een konijn kan je stofvrij zaagsel, gehakseld vlasstro, houtsnippers of speciale bodembedeking leggen. In de plashoek moet materiaal liggen dat vocht heel goed opneemt, zaagsel is hier heel goed voor. Ook kattenbakkorrels kunnen hier gelegd worden om het vocht op te nemen.

Inrichting van het verblijf

Een konijn heeft behoefte aan een veilig plekje in zijn hok. Dit kan een schuilhuisje zijn, of een mandje of bijvoorbeeld een hangmatje. Verder kan je het hok inrichten met alles wat je leuk vindt en veilig is. Bijvoorbeeld een boomstammetje, takken om op te knagen, een hooiruifje of veilig speelgoed voor konijnen.

Binnen houden van konijnen

De meeste huisdierkonijnen worden binnen in huis gehouden. Een kooi met de eigenschappen die hierboven staan is dan heel goed. Als je jouw konijn zo nu en dan los laat lopen in huis, moet je er wel voor zorgen dat het veilig is voor het konijn. Een konijn zal namelijk vroeg of laat uittesten of een snoer ook leuk of lekker is om door te knagen. In het meest gunstige geval zorgt dat ervoor dat je het snoer kan weggooien, maar in het meest erge geval electrocuteerd het konijn zichzelf doordat er stroom op het snoer staat. Zorg er dus voor dat je alle snoeren uit de buurt van je konijn houdt! Hou er ook rekening mee dat een konijn ook aan stof, hout, vloerbedekking en behang kan gaan knagen.

Buiten houden van konijnen

Een konijn kan goed buiten gehouden worden, ook in de winter, maar het hok moet dan wel vorstvrij zijn. Een konijn die buiten gehouden wordt heeft een tochtvrij gedeelte nodig met voldoende isolatie tegen de kou (stro, kooi, goede afsluiting). In dit deel van het hok mag het niet vriezen, in de ren of het meer open gedeelte van het hok mag dit wel voorkomen. Let er ook op dat het water van het konijn niet bevriest. Grotere konijnen zijn veel beter bestand tegen de kou dan kleine rassen. Als het te koud wordt moet je het konijn binnen gaan huisvesten. Als een konijn eenmaal binnen is, kan zij niet zomaar in de winter buiten gehouden worden. De vacht is dan niet aangepast aan de kou. Je kan een konijn dus alleen buiten gaan houden in de lente, zomer of het begin van de herfst. Konijnen kunnen ook in een grote ren gehouden worden. Let erop dat een konijn zal gaan graven; het gaas van de ren moet daarom ook in de grond gegraven worden of de grond bedekken.

Voeding

Konijnen eten alleen plantaardig voer. Het beste voer is vezelrijk voer, dus geen granen en dergelijke, maar gras, hooi, stro, groenten en bijv. luzerne. Je kan jouw konijn het beste voeren met een mengeling van hooi, stro en groenten en brokjes.

Konijnenbrokjes

Konijnenvoer is bijna overal te koop, maar er is nogal een verschil in kwaliteit van het voer. Het lijkt misschien saai voor het konijn, maar de normale bruine of groene brokjes (staafjes) gemaakt van planten (gras, luzerne e.d.) is het beste voer voor het konijn. Gemengt voer met allerlei granen en gekleurde brokjes bevat teveel suiker of koolhydraten en te weinig vezels.

Hooi en stro

Het eten van hooi en stro is heel belangrijk voor konijnen. Vooral hooi is favoriet. Hooi en stro bevatten veel vezels en zorgen ervoor dat het konijn zijn tanden goed gebruikt.

Gras en andere wilde planten

Een konijn eet ook graag vers gras en kruiden zoals paardenbloem, weegbree, fluitekruid, takken van fruitbomen en wilgentakken (evt. met blaadjes). Als je dit voert, zorg er dan voor dat je de planten verzameld op plekken zonder vervuiling, zonder veel uitlaatgassen en met zo min mogelijk vervuiling van uitwerpselen van andere dieren.

Groenten en fruit

Konijnen houden erg van het eten van groente en fruit. Bijna alle groenten die wij eten zijn geschikt voor konijnen; sla, wortel, andijvie, boerenkoolblad, bloemkoolblad, broccoli en witlof. Als je groenvoer geeft, zorg er dan voor dat je niet ineens heel veel geeft als je konijn het niet gewend is. Geef hem/haar eerst een beetje en verhoog de hoeveelheid dan elke dag een beetje. Qua fruit mag een konijn onder andere appel eten en schilletjes van peer. De meeste andere soorten fruit zijn niet goed voor konijnen vanwege de hoeveelheid suiker.

Coprofagie

Het klinkt vies, maar een konijn eet zijn eigen uitwerpselen. Dit heet coprofagie. Een konijn heeft twee soorten uitwerpselen; de echte keutels (die worden niet opgegeten) en een soort dunne versie van de keutels (deze wordt opgegeten). Dit is volkomen natuurlijk gedrag en nodig voor een goede vertering. Het is niet erg om de keutels uit het hok te verwijderen, want een konijn eet de eetbare keutels gelijk op.

Water

Een konijn heeft altijd toegang tot water nodig. Dit kan in een bakje of in een waterflesje. Het voordeel van een flesje is dat het water schoon blijft en je meestal veel water ineens in de fles kan doen. Let wel op dat het balletje in het tuitje van de fles niet geblokkeerd raakt, want dan lijkt het of je konijn nog water heeft terwijl hij er niet bij kan.

Hanteren en tam maken

Een konijn moet goed opgepakt worden om ervoor te zorgen dat hij zich niet bezeerd. Op deze pagina vind je ook tips voor het tam maken van jouw konijn.

Hanteren

Om een konijn op te pakken heb je twee handen nodig. Ondersteun met een hand het achterwerk van het konijn en hou met de andere hand het konijn bij de schouders of onder de voorpootjes vast. Voor kinderen is het handig om hen het konijntje tegen zich aan te houden. De meeste konijnen houden niet van opgepakt worden, zelfs als ze heel tam zijn. Een konijn blijft altijd een beetje een prooidier en opgepakt worden doet denken aan gepakt worden door een roofdier.

Tam maken

Als het goed is, is het konijntje dat je koopt al een beetje tam gemaakt toen hij/zij nog bij de moeder was. Als zij als klein konijntje al gewend zijn om opgepakt te worden en de geur van mensen te kennen, zijn zij makkelijker tam te maken. Een konijntje is goed tam te maken door haar wat lekkers aan te bieden (worteltje e.d.) en door vooral rustig te bewegen. Een konijntje schrikt al gauw van snelle bewegingen of harde geluiden. Het vaak oppakken van een konijntje op de juiste manier doet haar ook wennen aan oppakken. Als het konijntje zich niet wil laten vangen, moet je niet achter haar aan jagen om haar alsnog te pakken. Wacht liever tot zij wat gekalmeerd is en probeer het dan nog een keertje.

Koppelen van twee konijnen

Hoewel konijnen groepsdieren zijn, zullen zij vaak onderling gaan vechten. Ze kunnen dan flink gewond raken en soms nooit vriendjes worden. Twee mannetjes en twee vrouwtjes gaan meestal vechten, terwijl een koppel van een vrouwtje en een gecastreerd mannetje bijna altijd goed gaat. Een koppel van een ram en vroedster zal ook niet gaan vechten (meestal), maar bij deze combinatie zal je heel veel jonkies krijgen dus dit is niet aan te raden. Om twee konijnen die elkaar nog niet kennen te koppelen, kan je ze het beste eerst aan elkaar laten wennen met een scheiding tussen hen in. Ze kunnen elkaar dan zien er ruiken, maar niet verwonden. Als dat goed gaat, kan je de twee kennis laten maken op ‘neutraal terrein’, dus de woonkamer of de tuin. Pas als dat goed gaat, kunnen de twee konijnen samen in een hok gezet worden. Let de eerste paar dagen goed op of ze niet gaan vechten. Als ze dat niet goed, heb je een super leuk en gezellig koppel konijnen die veel aan elkaar hebben.

Veel gestelde vragen

Stinken konijnen?

Nee, als je de plashoek in het hok elke dag of om de dag schoon maakt, zal een konijn niet stinken. Als je het hok minder vaak schoon maakt, ruik je hem wel. Mannetjes hebben een sterkere geur van de urine dan vrouwtjes.

Maken konijnen lawaai?

Nee, over het algemeen zijn konijnen heel rustig en stil.

Kan ik twee konijnen in een hokje houden?

Ja dat kan, maar meestal is de enige combinatie die goed samen kan leven een vrouwtje met een gecastreerd mannetje. Twee konijnen van hetzelfde geslacht hebben de neiging tot vechten.

Moeten de nageltjes van mijn konijn geknipt worden?

Als de nagels van een konijn erg lang worden moeten zijn inderdaad bijgeknipt worden. Dit kan heel eenvoudig met een knipper voor hondennagels. Zorg ervoor dat je de nagels niet te kort knipt, dit kan namelijk gaan bloeden. Omdat het een nagel is, kan dit bloeden best een tijdje doorgaan, maar meestal is het niet heel ernstig. Een dierenarts kan ook de nagels van een konijn knippen. Als je bang bent dat je het niet goed doet, kan je ook altijd even langskomen bij Het Dierendorp voor een demonstratie. De nagels van een konijn slijten vanzelf af als zij een harde ondergrond hebben om op te lopen, zoals een tegel of de tuin.

Moet de vacht van een konijn geborsteld worden?

Langharige konijnen moeten geborsteld worden om hun vacht vrij van knopen te houden. Konijnen met een korte vacht verzorgen hun vacht zelf. Meestal vind een konijn het heel fijn om geborsteld te worden. Dit kan met een kammetje voor mensen of met een speciale konijnen- of hondenborstel.