Duiven

Duiven

https://nl.wikipedia.org/wiki/Duiven_(vogels)

http://vogelgids.simpsite.nl/duifachtigen

http://vogelgids.simpsite.nl/Zandhoenders

http://vogelgids.simpsite.nl/zandhoenders-fotos

http://vogelgids.simpsite.nl/Duiven

https://nl.wikipedia.org/wiki/Postduif

https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_duivenrassen

Wilde duiven of ook wel oorspronkelijke duiven komen in veel soorten en kleuren en maten voor. Van een klein diamantduifje tot de grote kroonduiven. Er zijn 292 nog levende duiven soorten bekend.. We moeten wilde duiven niet verwarren met verwilderde duiven. Dit zijn duiven die hun oorsprong hebben bij tamme soorten en verwilderd zijn. Een voorbeeld hiervan zijn de stadsduiven. In ons land komen ook wilde duiven voor. Gelukkig gaat het met de wilde duiven soorten die bij ons voorkomen nog goed en nemen ze weer in aantallen toe. Door de verdwijning van geschikte leefgebieden , ontbossing of overbejaging hebben veel soorten het toch moeilijk en zijn er zelfs soorten ernstig bedreigd in hun voortbestaan zijn.

De meest bekende zal voor ons de Houtduif

https://nl.wikipedia.org/wiki/Houtduif

https://nl.wikipedia.org/wiki/Knoedelduif

zijn, een mooi gekleurde grote duif die overal voorkomt en waar ook veel op gejaagd wordt maar het toch goed blijft doen en zelfs in aantallen toeneemt.

.Minder bekend en onopvallender is het Holenduifje.

https://nl.wikipedia.org/wiki/Holenduif

holenduif

Dit is een blauwkleurig middelgroot duifje die zich ook overal in ons land aan het verspreiden is.

Een zomergast bij ons die hier ook broed is de zomer tortel Dit is een tortelsoort die in het najaar naar Afrika vertrekt om daar de winter door te brengen.

Verder is sinds een halve eeuw de Turkse tortel  ook inheems geworden en overal te vinden.

Wilde of oorspronkelijke duiven zijn gemakkelijk om in de volière te houden, met de meeste soorten is gemakkelijk te kweken. We maken hier onderscheid tussen de zaadeters en de fruiteters. Meestal worden duiven per koppel gehouden. Dit ter voorkoming onderlinge gevechten of er moet genoeg ruimte en geschikte broedgelegenheid zijn. Dan kunnen soms ook meerdere koppels samen gehouden worden. Het kweken met oorspronkelijke duiven gaat meestal heel goed en wie een goed koppel heeft kan vaak enkele nestjes per jaar groot krijgen. De meeste soorten leggen 2 eitjes per keer en 3 tot 4 nestjes per jaar zijn geen uitzondering. Jonge uitgevlogen duiven neem ik als ze goed zelfstandig zijn bij de ouders weg omdat de meeste doffers hun jongen verjagen als die weer een nieuw nest wil beginnen..

Oorspronkelijke duiven zijn vaak schrikachtig en bij gevaar vliegen ze vaak tegen de draad. .Roofvogels jagen ze graag op en grijpen ze dan door de draad heen. Om dit te voorkomen laat ik vaak klimplanten over de bovenkant van de volières groeien. Roofvogels zien ze dan niet zo goed zitten en kunnen ze moeilijker grijpen. Voor de duiven geven deze planten schaduw en rust en ze zitten er graag onder of bouwen er hun nesten in.

Er zijn veel mooie soorten waar goed mee gekweekt kan worden en dit is ook nodig omdat er bijna geen import meer is en zeker geen wildvang meer. We moeten het dus doen met de soorten die we nog in beschermd milieu hebben en zullen er zuinig op moeten zijn. Er zijn inmiddels al werkgroepen die zich bezig houden met de coördinatie van bepaalde soorten om er kweekprojecten mee op te zetten zodat we hopelijk nog jaren kunnen genieten van deze mooie vogels in de zuivere vorm.

Er zijn al soorten waarvan er in gevangenschap meer van over zijn dan in het wild. Soms kunnen we als liefhebbers dankzei geslaagde kweekprojecten weer duiven terug plaatsen in hun oorspronkelijke leefgebied waar ze eens voorkwamen en nu uitgestorven waren. Hier zijn we dan als liefhebber terecht bijzonder trots op en bewijzen we de waarde van het zuiver fokken van soorten die vaak kwetsbaar zijn in de vrije natuur.

Huisvesting sierduiven

Intro

Alle dieren hebben een goede huisvesting nodig. De huisvesting van sierduiven hoeft op zich geen probleem te zijn. Duiven zijn over het algemeen geharde vogels, die b.v. heel goed tegen koude en iets minder tegen warmte kunnen. Duiven zijn ook slecht bestand tegen tocht en vocht. Daarnaast moeten onze duiven beschikken over licht en veel frisse lucht, dus een goede ventilatie is van groot belang.  Verder moet rekening gehouden worden met de bouweisen van de gemeente. In dit hoofdstuk worden richtlijnen gegeven voor de bouw van hokken, rennen of volières.

Hokken en volières

Duivenhokken worden meestal in de tuin gebouwd. Maar ook zonder tuin zijn duiven te houden. Duivenhokken op zolder of op een balkon zijn geen zeldzaamheid.

De grootte van het te bouwen hok is afhankelijk van de beschikbare ruimte en het aantal te houden duiven. Een goede vuistregel is dat voor 1 koppel (doffer en duivin) 1 m³ ruimte nodig is. Een ideaal hok is daarom 2 m lang, 2,5 m diep en 1,9 m hoog. De inhoud van het hok is dan 9 m³, waarin 9 broedkoppels gehouden kunnen worden. Is er de wens om een groter hok te bouwen, dan is het beter een vergelijkbaar hok bij te bouwen. Duiven die in te grote hokken worden gehouden zijn vaak schuwer. Deze duiven laten zich veel moeilijker pakken omdat ze hun natuurlijk vluchtgedrag zullen volgen en proberen weg te vliegen. Het duivenhok wordt verdeeld in twee afdelingen. Een afdeling voor het broeden en een afdeling voor de jonge duiven. Na de scheiding van de geslachten worden de doffers (mannelijke duiven) in de broedafdeling en de duivinnen met eventuele jongen in de andere afdeling geplaatst.

donckers-binnenhok

Bij voorkeur worden de hokken van hout gebouwd, dubbelwandig en met muurisolatie. De ramen hoeven niet het hele voorfront te bestrijken, maar toch genoeg licht en zon binnen laten. Het is aan te bevelen de hokken 50 cm van de grond te plaatsen. Het resultaat van deze bouwwijze is een kurkdroog hok. Voor een vrijstaand hok is een zadeldak ideaal. Een zadeldak heeft als constructie een ongelijkzijdige driehoek. Deze wordt op de zijwanden gemonteerd en onderling door balken verbonden, waarop de panlatten getimmerd worden. Hierop worden dan de dakpannen gelegd. De nok van het dak wordt iets verhoogd, waardoor een goede ventilatie kan plaatsvinden.

Wordt het hok tegen een muur gebouwd, dan moet het dak schuin aflopen naar voren. Dit is een  zogenaamd lessenaardak met een afschot van 10 cm. De hoogte aan de achterkant van dak tot vloer wordt dan 200 cm, de hoogte aan de voorkant wordt op 190 cm gesteld. Zo’n dak kan prima bekleed worden met polyester glasvezelplaten met een brede golf. Wel is het dan noodzakelijk om een plafond te maken, met boven in het front een aantal openingen voor de ventilatie.

Zolderhokken voldoen ook prima omdat ze meestal goed droog zijn. Ook is er onder het dak in de meeste gevallen aardig wat ruimte en ook rust. Door de duiven wordt dit als prettig ervaren, zeker als ze dan ook nog van een vrije uitvlucht gebruik kunnen maken. De bereikbaarheid van zolderhokken is meestal wat minder dan van tuinhokken. Het sjouwen met inventaris, voer, transportmanden en mestafvoer door het huis valt tegen.

De broedhokken vormen een belangrijk onderdeel van de hokken. Bij voorkeur worden deze gemaakt tegen de achterwand. Bij een breedte van 2 meter van het hok worden 3 broedhokken naast elkaar geplaatst in 3 lagen. Op deze manier hebben we in totaal 9 broedhokken. De maten van een broedhok zijn 65 cm breed, 50 cm diep en 40 cm hoog.  Door aan beide zijwanden klampen vast te maken, kan men van wand tot wand de bodem van de broedhokken aanbrengen. Door twee tussenschotjes te plaatsen verkrijgt men 3 broedhokken. Aan de onderkant van het voorfront wordt een zogenaamde paradeplank gemaakt zodat de duiven ook gemakkelijk aan kunnen vliegen naar de broedhokken. Tegen één van de zijwanden kunnen zitgelegenheden gemaakt worden. Er zijn verschillende keuzes, waarvan de loketkast en de schabjes of driehoekjes de bekendste zijn. De loketkast lijkt de meest ideale verblijfplaats gezien de ruimte die nodig is. Duiven zijn erg gesteld op een eigen plaatsje. Licht is van essentieel belang voor onze duiven. Maar veel glas geeft in de winter ook veel warmteverlies. Het raam komt dan 40 cm boven de vloer waardoor er voldoende zonlicht in het duivenhok kan schijnen. Het beste is het raam uit twee delen te maken en naar buiten open kan draaien en vast gezet kan worden. Onder in het raam komt een luchtschuif komen die bij gesloten ramen geopend kan worden. Boven in het hok moet hetzelfde gebeuren, zodat verbruikte lucht via het plafond afgevoerd wordt. Een hok met een uitvlucht of volière is prachtig en ook goed voor de dieren. De hoogte van de volière is gelijk aan de hoogte van het hok. In de volière worden ook zitstokken gemaakt.

Strooisel of bodembedekking

Als strooisel in het hok wordt rivier- of zilverzand, kattenbakkorrels, erwtenstro of een laag snippers van beukenhout gebruikt. Elke duivenliefiefhebber ontwikkelt een eigen voorkeur voor het strooisel. Ook een kale houten vloer die men dagelijks schoonkrabt voldoet. Als bodembedekking van een volière wordt vaak rivierzand, grint of grotere stenen gebruikt. Hier voldoen ook roosters uitstekend, zodat de duiven niet in contact met de mest komen.

Kopen of zelf maken

duivenhokje

Een handige doe-het-zelver kan met hulp van voorbeelden van bestaande hokken gemakkelijk een goed duivenhok bouwen. Speciale hokken worden ook op verzoek geleverd door timmerbedrijven en bedrijven die tuinhuisjes maken. Het is verstandig eerst een goede tekening te (laten)
maken en een offerte aan te vragen.
Het kan niet genoeg benadrukt worden dat het zinvol is om vooraf bij andere duivenliefhebbers en -fokkers hokken te bekijken.

Hokken moeten gemaakt worden van duurzame materialen, zodat het geheel onderhoudsarm is. Dat kost bij de bouw wat meer, maar bespaart op den duur veel geld en ergernis.

Voeding en verzorging sierduiven

Intro

Zonder goede voeding en verzorging geen gezonde dieren. Deze regel geldt altijd en overal. Dit hoofdstuk beschrijft de voeding en verzorging van duiven.

Voeding voor volwassen dieren

Duiven zijn zaadeters. Er zijn voor duiven vele verschillende zaadmengsels te koop bij dierenspeciaalzaken. Postduivenvoer is voor de meeste sierduiven te grof. Voor de liefhebber die niet met de duiven fokt is het standaard sierduivenvoeder geschikt. Voor fok- en tentoonstellingsduiven zijn specifieke mengsels te koop. Dit voer is rijker van samenstelling en heeft een betere eiwit-vetverhouding waardoor de opname en de benutting beter is. In de fokperiode is meer eiwit van belang. De duiven voeren de jongen met kropmelk. Meer eiwit  in de voeding van de ouderdieren geeft ook een betere kropmelk. Direct na het opnemen van voer drinkt een duif met grote teugen veel water. Duiven stellen groenvoer ook op prijs.  Duiven worden twee keer per dag gevoederd, vroeg in de ochtend en laat in de middag of begin van de avond. Een kwartier na het verstrekken van het voer moet de voederbak leeg zijn, anders wordt teveel voer gegeven.

Voeding voor jonge duiven

Al snel na de geboorte worden jonge duiven door de ouders gevoerd met kropmelk of duivenmelk. Deze kropmelk wordt in de krop gemaakt en is zeer voedzaam. Jonge duiven krijgen de eerste tien dagen alleen deze kropmelk. Alle benodigde voedingsstoffen zitten in deze kropmelk. Na een dag of veertien wordt de kropmelk niet meer gevormd en de jonge duiven worden nu gevoerd met in de krop van de ouderdieren geweekt graanvoedsel. Rond de derde week worden bakjes met voer en water in het broedhok geplaatst. De volwassen duiven zullen hieruit eten en door af te kijken leren de jonge duiven ook snel zelfstandig de voer- en waterbak te vinden. Op een leeftijd van 4 tot 5 weken worden de jonge dieren gespeend door ze van de ouderdieren te scheiden.

Voederbakken

Voerbakken zijn zelf goed te maken. De voerbak wordt met een deksel afgesloten om vervuiling van het voer te voorkomen. Een goede voerbak is 100 cm lang, 15 cm breed met een opstaande rand van 3 cm. Daartussen worden spijltjes gemaakt met een tussenruimte van 10 cm met daarop een scharnierende klep.

Drinkbakken

Drinkbakken kunnen kant-en-klaar gekocht worden. Tegenwoordig zijn praktisch alle drinkbakken van kunststof gemaakt. Kunststof heeft voordelen, maar het schoonmaken van deze drinkbakken moet zorgvuldig gebeuren omdat kunststof heeft de neiging aanslag van water vast te houden.

Extra toevoegingen

Naast het dagelijkse voer hebben duiven grit, roodsteen, maagkiezel en mineralen nodig. Maagkiezel is nodig omdat duiven geen tanden hebben. In de spiermaag wordt het graan door de maagkiezel vermalen. Extra mineralen en vitamines zijn nodig omdat deze voedingsstoffen van nature te weinig in granen en zaden voorkomen. Duiven in de vrije natuur zoeken zelf naar aanvulling op het voeder, duiven in ons beschermd milieu kunnen dat niet.

Badwater

Duiven zijn verzot op baden. Het badwater wordt in de volière geplaatst. Eenmaal per week een bad is voldoende. Als de duiven zijn uitgespetterd, wordt het badwater verwijderd om te voorkomen dat het badwater ook als drinkwater wordt gebruikt.

Omgaan met dieren

Goed omgaan met de dieren is net zo nodig als het geven van voer en water. Het omgaan met de dieren is misschien wel het mooiste wat er is. Duiven zijn geen aaibare dieren en houden er niet van om opgepakt en geaaid te worden. Het gedrag van de verzorger bepaalt ook sterk het gedrag van de duiven. Door altijd rustig met de dieren om te gaan en ze nooit te laten schrikken worden zelfs de schrikachtige rassen nog vrij rustig. Ga daarom nooit onverwachts het hok in en laat de dieren in de volière ook nooit schrikken. Laat bij de benadering van de dieren altijd een vertrouwd geluid horen, zodat ze weten dat de verzorger er aan komt. Op deze manier wordt het vertrouwen van de dieren verkregen. En juist dat maakt het houden van duiven zo plezierig en interessant.

Huisvesting van postduiven

Onderstaande informatie komt van:

http://spreekbeurten.info/postduiven.html

postduivenDe duiven worden gehouden in een hok. Dit noemen we een duivenhok. In het hok zijn allemaal kleinere hokjes gemaakt waar de duiven in zitten en waar ze hun eieren kunnen leggen en waar ze hun jonkies groot kunnen brengen. Het hok moet zo zijn ingericht dat de duiven zich er prettig voelen en dat ze ook gezond kunnen blijven.

Verzorging van de duiven

Postduiven zijn graaneters dus moeten we zorgen dat het duivenvoer uit veel verschillende granen bestaat
(bakje zaad laten zien).
Duivenvoer bestaat uit maïs, erwten, gerst, haver, zonnepitten en nog een paar kleine graansoorten.
Duiven verteren hun eten doordat het voer wordt fijngemalen door maagkiezel. Dit maagkiezel moet ook dagelijks aan de duiven gegeven worden (roodsteen).
Verder moeten de duiven elke dag schoon water hebben en moet het hok regelmatig worden schoongemaakt.

Het kweken van jonge duiven

duiven

In het voorjaar (februari/maart) is het tijd dat er jonge duifjes worden gekweekt. Hoe dat in zijn werk gaat??In het kleine huisje (we noemen dit broedhokken) worden de mannetjes duiven (doffers) en vrouwtjes (duivinnen) bij elkaar gezet, we geven ze een broedschaal en wat nestmateriaal (laten zien).
Na ongeveer 14 dagen legt de vrouwtjesduif 2 eieren.
(2 nepeieren laten zien).
Na ongeveer 18 dagen broeden komen de eitjes uit en zijn er dus jonge duifjes. Als de jonge duifjes ongeveer 25 dagen oud zijn kunnen ze al zelf eten en drinken.

De trainingsvluchten

Als de jonge duiven ongeveer zeven weken zijn beginnen ze met hun eerste rondjes vliegen om het huis en hok. In het begin hebben ze moeite en er komt ook wel eens een duifje gewond weer terug. De jonge postduif moet graag en veel vliegen. Duiven vliegen iedere dag ongeveer 30 minuten om het huis, ze mogen niet te veel voer krijgen want dan worden ze te zwaar en te lui om te vliegen.

De inkorving

Voordat een duif met de wedstrijden kan meedoen moet hij eerst worden ingeschreven. Dat noemen we inkorven. De duiven krijgen een ringetje om een pootje, daar staat een registratienummer op.
De duiven worden in manden gezet en daarna kun je geld inzetten . Je kunt geldprijzen winnen of je kunt een beker winnen.

Wedstrijden met postduiven

In april beginnen de wedstrijden met postduiven.
Hoe gaat dat in zijn werk?
De wedstrijdduiven worden eerst een paar dagen bij de duivinnen gezet, dan komen ze sneller terug van een vlucht omdat ze graag naar de duivinnen willen.
Dan worden de duiven naar de duivenvereniging gebracht, bij de vereniging gaan alle duiven in speciale manden en die gaan in een hele grote vrachtauto.
De vrachtauto brengt alle duiven naar de plaats waar ze worden losgelaten. Dat kan in Nederland zijn of b.v in Frankrijk. Als de duiven worden losgelaten zijn er altijd veel mensen om te kijken want er zijn wel tienduizend duiven tegelijk die dan wegvliegen.
De duif die het eerst bij zijn eigen hok is heeft gewonnen. Dit alles wordt geregistreerd met een duivenklok, het ringetje dat de duif om zijn poot heeft gekregen gaat dan in de klok en dan kunnen ze de juiste tijd bepalen.

De duivenklok

De duivenklok is voor een duivenliefhebber onmisbaar, zo’n klok kost ongeveer 350 euro. Op die klok kunnen ze elk uur, minuut en seconde aflezen. De postduivensport is een internationale sport en wordt van april tot september gehouden. Tegenwoordig hebben de duiven chips en wordt het elektronisch gedaan.

 

Houtduif

Onderstaande informatie komt van:

http://www.jagersvereniging.nl/jagen/diersoorten/houtduif/

Duiven boven het graan

Naamgeving

Houtduif (Columba palumbus) E: common wood pigeon, D: Ringeltaube,  F: Pigeon ramier

Uiterlijk

Houtduiven zijn onze grootste duiven en hebben een grijsblauw uiterlijk met een witte halsvlek. Opvallend is ook de witte band op de vleugels. Hierdoor zijn ze goed te onderscheiden van holenduiven en stadsduiven waar dit wit ontbreekt. Opvliegende houtduiven laten een luid klapperend geluid van de vleugels horen.

Lengte: 40-42 cm

Spanwijdte: 68-77 cm

Gewicht: 480-550 g. Mannetjes zijn iets zwaarder dan vrouwtjes

Biotoop

Houtduiven leven in agrarische gebieden, gemengde bossen, stadsparken en in grote tuinen in vrijwel geheel Europa.

Leefwijze en gedrag

Houtduiven zijn overdag actief. Ze vormen koppeltjes die een jaar blijven bestaan. In de winter zwerven ze in grote vluchten rond. Tegen de avond ontstaat een zogenaamde slaaptrek in de richting van de roestplaatsen, waar ze in grote aantallen overnachten. Soms zijn dat duizenden vogels.

Voortplanting

Aantal legsels: 1-2, in warme jaren zijn meerdere legsels mogelijk.

Aantal eieren: 2 witte eieren

Broedduur: 17 dagen

Het nest van een duif is een wat armzalig bouwsel van wat takjes, maar houdt wonderwel vaak stand ook bij flinke wind.

Voedsel

Houtduiven eten zaden, graan, scheuten, bladeren, eikels en allerlei bessen. Ze kunnen op land- en tuinbouwgewassen grote schade aanrichten (erwten, graan, koolplanten). Houtduiven maken voedselvluchten die wel meer dan een kilometer van hun nest kunnen liggen.

Jacht en bejaging

Houtduiven worden bejaagd van 15 oktober tot en met 31 januari. Buiten het jachtseizoen vindt bejaging met het geweer plaats op basis van een landelijke vrijstelling om schade
aan gewassen te voorkomen.

Voorkomen

Houtduiven komen het hele jaar in Nederland voor als broedvogel en als wintergast. Ze trekken ’s winters rond naar de beste foerageerplekken. De broedpopulatie wordt aangevuld met wintergasten uit Scandinavië en Oost-Europa. In korte tijd kunnen er zo een miljoen houtduiven Nederland binnenvliegen. De meeste duiven broeden in Zuid en Oost Nederland, maar ook in steden en parken. De wintergasten verblijven ook grotendeels in Zuid- en Oost-Nederland en kunnen daar roestplaatsen bezetten van duizenden duiven. In totaal wordt het aantal broedparen geschat op 400.000-500.000 broedvogels. De trend is stabiel. Ook voor de wintergasten geldt dat de trend stabiel is. Naar schatting produceert de Nederlandse broedpopulatie circa 1,5 tot 2 miljoen jonge duiven.

Het afschot van houtduiven is in de loop der jaren iets toegenomen. Afschot van duiven vindt plaats in de jachtperiode, maar ook daarbuiten wanneer er sprake is van ernstige schade aan land- en tuinbouwgewassen.