Ibissen en lepelaars

Ibissen en lepelaars

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ibissen_en_lepelaars

Heilige ibis – Threskiornis aethiopicus

ibissen

Leefgebied

Afrika

Leefomgeving

vlakten in de buurt van meren en rivieren of ondergelopen gebieden

Voedsel

kikkers, visjes, wormen en reptielen

Lengte en gewicht

68-75 cm.

Voortplanting

2-5 eieren

het broedseizoen valt samen met het regenseizoen

Broedtijd

± 4 weken

Bijzonderheden

De heilige ibis is tegenwoordig in Egypte zeldzaam

Eieren worden door beide ouders bebroed.

Als ze elkaar op het nest aflossen, slaan ze met hun snavels tegen elkaar en poetsen ze elkaar, waarbij ze zacht roepen.

 

 

Iedere Lepelaar is uniek

lepelaars

In vroeger tijden broedde de heilige ibis langs de oevers van de Nijl. Hij werd door de Oude Egyptenaren vereerd, omdat zij hem identificeerden met de god Thot, de schrijver der goden die het leven van ieder mens aftekende.

Tamme ibissen werden als “huisdier” in tempels gehouden.

Ze werden ook gemummificeerd en in de graftomben van de farao’s begraven.

De ibis verscheen in Egypte tijdens de zo belangrijke jaarlijkse overstroming van de Nijl en nestelde op het pas ondergelopen land. Als het water zakte verdween hij weer, zodat de Egyptenaren hem associeerden met de overstromingen van de Nijl, de bron van alle leven.

Lepelaars zijn tussen de 80 en 90 centimeter lang. De snavel is gemiddeld zo’n 19 centimeter lang en bij de afgeronde punt 43 tot 50 millimeter breed. De lengte van de poten van Lepelaars bedraagt tussen de 25 en 30 centimeter lang. De vleugels hebben een spanwijdte tussen 115 en 130 centimeter. Het verenpak is overwegend room-wit van kleur.

Volwassen vogels

De volwassen vogel heeft een zwarte snavel met oranje-gele vlek op de punt. De vorm van die vlek is – net als de menselijke vingerafdruk – per vogel uniek. De ogen van volwassen vogels zijn rood, maar dat is pas van zeer dichtbij te zien.

In de broedtijd hebben de meeste volwassen vogels een gele borstband en een prachtige – meest van tijd afhangende – kuif van lange witte veren.

Jonge vogels

Jonge vogels (ofwel juvenielen genoemd) zijn witter en hebben roze-vleeskleurige snavels en poten, zwarte ogen en zwarte vleugelpunten. Bij juveniele vogels is het stukje huid tussen de snavelbasis en het oog nog bevederd. Bij volwassen vogels is dat kaal en geel.

Ook de kin en keel zijn bij volwassen vogels geel. De snavel van jonge vogels verkleurt al naar grijs als ze 40 dagen oud zijn en is in de herfst vaak al zwart van kleur. De poten zijn in de nazomer al leigrijs.

Trek

Onze Nederlandse vogels beginnen jaarlijks tussen augustus en oktober aan de lange en barre trektocht van zo’n 4200 kilometer naar het zuiden. De meeste vogels vertrekken in de eerste drie weken van september. Jonge vogels kunnen in de loop van juli al vertrekken. Tussen eind januari en april komen ze hier weer terug en hebben ze diezelfde afstand al weer naar het noorden afgelegd.

Ibissen en lepelaars (Threskiornithidae) zijn een familie van vogels uit de roeipotigen. De familie telt 34 soorten.