De eendvogels

De eendvogels

https://nl.wikipedia.org/wiki/Eendvogels

De eendvogels zijn een grote groep vogels met wel 168 soorten.  Het zijn grote watervogels die er wat plomp uitzien.  Ze kunnen waggelen als ze aan het stappen zijn.   Vele soorten hebben een lange hals.  Deze gebruiken ze om onder water naar eten te zoeken.   Ze hebben meestal een platte snavel waarmee ze in het water eten zeven.  Aan hun poten zitten zwemvliezen.

Deze familie bestaat al miljoenen jaren op onze aarde.

 

5 families met enkele soorten :

Onderstaande informatie komt van:

ganzen

ganzen

Ganzen zijn grote, zwaargebouwde watervogels uit de familie Anatidae (zwanen, ganzen en eenden). Hierbinnen behoren ze tot de onderfamilie Anserinae (zwanen en ganzen). Ganzen zijn gespecialiseerd in het grazen en leven meer op het land dan andere Anatidae. Daarvoor hebben ze sterke, vrij lange poten, die midden onder het lichaam geplaatst zijn. Hierdoor kunnen ze goed lopen. In Europa leven twee geslachten: Anser (Grijze ganzen) en Branta (Zwart-witte ganzen). Het woord gans wordt ook gebruikt voor een vrouwelijke gans. Het mannetje noemt men ganzerik of gent. Ganzen hebben een middellange hals en een krachtige kegelvormige snavel. Aan de bovensnavel zit een zaagrand. In vergelijking met de zwanen zijn ganzen kleiner en compacter. Ten opzichte van de halfganzen en de eenden zijn ze echter groter. Volwassen vogels ruien alle slagpennen tegelijkertijd en kunnen daardoor ongeveer 1 maand niet vliegen. De rui valt meestal samen met de periode waarin de jongen zich in het nest bevinden. Anders dan bij eenden hebben bij ganzen de mannetjes en vrouwtjes eenzelfde verenkleed. Ganzen kunnen tot 30 jaar oud worden, maar ze zijn pas vruchtbaar vanaf hun 3e levensjaar. Het verschil tussen een mannetje en een vrouwtje is merkbaar doordat het vrouwtje een grotere hangbuik (onderaan de gans) heeft dan een mannetje. In de broedtijd is dit zeer duidelijk.

zwanen

zwanen

Zwanen zijn de grootste watervogels uit de onderfamilie Anserinae (Zwanen en ganzen). De meeste soorten behoren tot het geslacht Cygnus. Een uitzondering is de coscorobazwaan (Coscoroba coscoroba), die tot het aparte geslacht Coscoroba wordt gerekend.Zwanen zijn elegante vogels met een lange hals. Ze zijn zwaargebouwd en stijgen moeizaam op van het water. Daarbij trappelen ze en slaan ze krachtig met de vleugels. Ze hebben een onhandige, waggelende gang. Het voedsel bestaat meestal uit waterplanten, die gezocht worden in ondiep water. Hierbij komt hun lange hals goed van pas. Maar bij gebrek aan flora zal de zwaan ook kleine vissen eten bijv. voorn. De witte zwaan komt verreweg het meeste voor op het noordelijk halfrond. De zwarte zwaan is hier een uiterst schaarse broedvogel. Ze stammen af van dieren uit watervogelcollecties. Het zijn standvogels, maar in Nederland of België overleven de jongen geen zware winter. Bij zwanen is er geen verschil in verenkleed tussen het mannetje en vrouwtje. Zwanen zijn monogaam; een paar blijft hun hele leven bij elkaar. Het nest bevindt zich op de grond of op een berg plantaardig materiaal in of op de oever van water. Het vrouwtje broedt gemiddeld zes bleke, effen eieren uit. Ondertussen houdt het mannetje de wacht. Bij het verdedigen van hun broedsel kunnen mannetjes behoorlijk agressief zijn. Hierbij schuwen ze zelfs niet om mensen die te dichtbij komen aan te vliegen, maar het verhaaltje dat ze hierbij een mensenarm kunnen breken is onwaarschijnlijk. De taak van het mannetje houdt niet op bij het bewaken van het broedende vrouwtje: bij sommige soorten helpt het mannetje ook met het uitbroeden van de eieren. De nestjongen hebben nog een grijze of bruine donsvacht en een relatief korte hals. Al een paar uur na het uitkomen, kunnen ze lopen en zwemmen. Het zijn dus nestvlieders. Gedurende enkele maanden worden de jongen door beide ouders warm gehouden en bewaakt. Voedsel zoeken doen ze zelf. Een zwaan leeft in het wild ongeveer 20 jaar.

eenden

eenden

Eend is de algemene naam voor een aantal soorten vogels uit de familie van eendachtigen (Anatidae). Alle soorten uit de Anatidae worden “eenden” genoemd, behalve de soorten uit de onderfamilie Anserinae, de ganzen en zwanen. Eenden zijn hoofdzakelijk aquatische vogels, meestal kleiner dan hun verwanten, de zwanen en de ganzen, met een kortere nek, en kunnen in zowel zoet als zout water worden gevonden. De Tadorninae, waartoe onder andere de bergeend behoort, houden het midden tussen de ganzen en zwanen. Eenden worden soms verward met verscheidene soorten niet verwante vogels met gelijkaardige vormen, zoals duikers, futen en rallen als meerkoet en waterhoen. Soms wordt met “eend” alleen vrouwtjeseenden bedoeld. Een mannetjeseend heet een “woerd”. Een jonge eend wordt piel genoemd (daar zwemt een eend met pielen). In het algemeen worden jongen van kippen en eenden ook wel “pulletje” of “pulleke” genoemd. Een woerd is naast de kleur vaak (niet altijd) ook te herkennen aan een krulletje in de staart (niet bij siereendjes).

 

eksterganzen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ekstergans

 

hoenderkoeten

hoenderkoeten1

Hoenderkoeten zijn verre verwanten van de eenden, ganzen en zwanen. Zij vormen de familie Anhimidae met maar 2 geslachten opgedeeld in 3 soorten die allen uitsluitend voorkomen in tropisch en subtropisch Zuid-Amerika. Hun voedsel bestaat voornamelijk uit granen, gras en groenvoer. Opvallend is dat de korte snavel sterk gelijkt op die van een fazant (en niet op die van een gans) waarbij het punteinde sterk gehaakt is. Ondanks hun kleine zwemvliezen zijn het uitstekende zwemmers. De vleugels zijn aan de voorrand voorzien van twee scherpe sporen waarmee zij zich kunnen verdedigen. De beide seksen zijn gelijk.

Hoenderkoetsoorten

Geslacht: – Anhima (1 soort)

– Chauna (2 soorten)

Soorten: – Hoornhoenderkoet (Anhima cornuta)

– Witwanghoenderkoet (Chauna chavaria)

– Kuifhoenderkoet (Chauna torquata)

Kuifhoenderkoet

kuifhoenderkoeten

De kuifhoenderkoet (Chauna torquata) behoort tot de familie van hoenderkoeten (Anhimidae). Hij komt voor in bepaalde streken in Zuid-Amerika, waaronder Bolivia en Uruguay.

Buiten het broedseizoen leven ze in grote kolonies samen, veelal in moerassige gebieden, maar altijd in de directe nabijheid van water. Het omvangrijke nest wordt in ondiep water of op een oever gebouwd. Er worden gemiddeld vijf eieren gelegd, die door beide ouders uitgebroed worden. De jongen zijn nestvlieders.

Kuifhoenderkoeten voeden zich met onkruid, wortels en granen. Hoewel hun uiterlijk het in eerste instantie niet doet vermoeden, zijn kuifhoenderkoeten uitstekende vliegers. Volwassen kuifhoenderkoeten hebben een totale lengte van 90 centimeter en ze wegen doorgaans niet veel meer dan 2½ kg.

Witwanghoenderkoet

witwanghoenderkoeten

Hoewel hij verwant is aan eenden en ganzen, heeft de witwanghoenderfoei geen zwempoten. Hij zwemt dan ook zelden in open water. Hij brengt een luid trompetgeschal voort om anderen voor gevaar te waarschuwen. Deze luidruchtige vogel leeft in de rivieren en moerassen van een klein gebied in het noorden van Zuid-Amerika. Hier kan hij rondlopen over drijvende bladeren omdat zijn lange tenen het gewicht verdelen. De vrouwtjes leggen vier tot zes eieren in een nest van planten.

In het kort

Latijnse naam : Chauna chavaria

Engels : Northern Screamer

Grootte Lichaam : 70-90 cm

Habitat : Colombia, Venezuela

Gewicht : tot 4 kilo

Leeftijd :

Voortplanting: 2-7 eieren, broedtijd 42-44 dagen

Voedsel : Waterplanten, grassen, plantmateriaal

Status : Niet Bedreigd